Een gerust hart
In het huis van mijn schoonmoeder rook het altijd naar laurier, boenwas en gelijk hebben. Mevrouw De Vries was jarenlang hoofdverpleegkundige geweest in een ziekenhuis in Haarlem. Zwaar
Toen Hanneke hoorde dat haar schoonmoeder vijfenzestig werd, wist ze al wat haar man zou zeggen. “Jij bent gewoon beter in organiseren.” Die zin had haar jarenlang veranderd
Ria zat al rechtop in bed in haar flat in Amersfoort, met een vest om haar schouders en een onrustig gevoel in haar borst. Sinds haar pensioen sliep
De man zat al bijna drie uur op het perron, en niemand sprak hem aan. Naast zijn schoen lag een hond. Roodbruin, mager, met plukken vacht die als
— Mevrouw, is de laatste bus naar Oudewater al weg? Marianne de Vries keek op van het bankje bij de halte. Voor haar stond een man met rode
— Thee? — vroeg de conducteur terwijl hij een beker op het uitklaptafeltje zette. Ik zat in de nachttrein van Rotterdam naar Groningen. Buiten gleden donkere weilanden voorbij,
— Of ik kom met Anton, of ik kom helemaal niet, Jeroen. Kies maar. Jeroen stond in de keuken van zijn appartement in Utrecht en keek naar de
Toen Daan het zilveren blad met mijn make-up van de kaptafel sloeg, sprong er iets in mij niet kapot, maar juist recht. Flesjes rolden over de houten vloer.
Sander stond midden in zijn nieuwe studio in Amsterdam-West en keek naar de gigantische witte hond die rustig zijn paspoort verscheurde. De vloer lag vol nat hondenvoer, kapotte
Een maand nadat Marijke haar trouwring had ingeleverd bij de juwelier, belde haar voormalige schoonzus aan met een gereedschapskist. “Deze is niet van mij,” zei Saskia. “En ook
