Een gerust hart
De ochtend dat Wouter terugkwam, stond ik met drie kinderwagens bij gate 2 van Eindhoven Airport. De meisjes lagen in identieke gele pakjes, alle drie wakker, alle drie
De envelop zat al negen dagen in de binnenzak van mijn jas. Zaterdagochtend had ik hem onder de slaapbank geschoven, achter de doos met kapotte kerstballen. Daar keek
Ik kwam drie dagen eerder thuis uit Essen. Geen voorgevoel, geen rare dromen. Gewoon een project dat sneller klaar was dan gepland. Ik had nog overwogen om een
Mijn moeder Margriet klapte haar laptop dicht nog voordat ik goed en wel in de deuropening van haar woonkamer stond. Het was dat droge, besliste geluid van iemand
De eetzaal van het landhuis rook naar pannenkoeken en aangebrande koffie. Dat laatste kwam door mij: ik had vanochtend om half acht het koffiezetapparaat aangezet voordat de cateraar
Fleurs duim hing boven de knop. Zeshonderd euro. Bankrekening op naam van Wilma van Dongen, ING. Ze had het bedrag drie keer nagekeken, alsof de cijfers zouden veranderen
De regen sloeg die middag in vlagen tegen het erkerraam, een echte Utrechtse aprildag waarop je vergeet dat er ook nog zoiets als lente bestaat. Ik stond in
Ze dook voor het eerst op eind november, toen de platanen in de Diezerstraat hun laatste bladeren lieten vallen en de ochtendlucht naar natte aarde en roest rook.
Thijs van Zanten zette zijn aktetas neer en keek naar de gordijnen die zijn vrouw Marleen had opengeschoven. Het was kwart voor zes op een dinsdagmiddag. Normaal kwam
De envelop was van stevig, crèmekleurig papier, met mijn naam in het handschrift van Marianne, mijn teamleider bij de bibliotheek. Ze had hem me met een knipoog gegeven
